Op het grote internet heb ik gevonden dat je in Sumatra een paar dagen bij een lokale stam in de jungle kunt leven. Eigenlijk zodra ik dit te weten kwam, wist ik: dit is iets voor mij en dit wil ik doen. Na wat verder onderzoek over hoe het werkte, had ik de tour dan ook daadwerkelijk geboekt. Vanaf Padang ga ik naar Siberut eiland. Hier in de jungle leeft de Mentawai stam. Vooraf ben ik vooral heel erg nieuwsgierig. Wat gaan we allemaal doen? Zijn de mensen van de lokale stam afstandelijk? Er is een tolk mee, maar hoe is de taalbarrière? Wat gaan we eten? Is het nog wel echt survivallen, of is dat meer voor de toeristen? Is het niet een groot openluchtmuseum voor toeristen? Ongelofelijk veel dingen die ik mij afvraag; ik ben echt mega nieuwsgierig. Ik ga vijf dagen naar de lokale stam toe.
Alleen al bij de stam komen is een avontuur op zich en duurt bijna een volle dag. We vertrekken ’s ochtends met een groep van zeven toeristen en een gids/tolk vanuit Padang. ’s Ochtends vroeg gaan we eerst met de veerboot naar het noorden van Siberut eiland. Wij moeten echt in het zuiden zijn en na een korte lunch gaan we weer verder met de veerboot naar de andere kant van het eiland. Hier zijn we begin van de middag en hier beginnen we aan een jeep-tocht van twee uur. Het is absoluut niet geasfalteerd; we rijden over een modderig pad steeds verder het eiland in. We stoppen bij het laatste afgelegen dorpje om vanaf daar verder te gaan in een gemotoriseerde kano. Voordat we de kano ingaan, ontmoeten we hier de sjamaan van de familie waar we bij verblijven. De sjamaan is het hoofd van de familie en hij zal ons de komende dagen meenemen. Ongeveer een half uur gaan we met de kano over een klein riviertje nog verder de jungle in. Na de kanotocht moeten we nog een kwartier wandelen door dicht begroeide jungle. De sjamaan wijst ons de weg en loopt voorop. Hij ziet er indrukwekkend uit met tatoeages, loopt alleen met een doek om zijn geslachtsdeel en loopt rond met een pijl-en-boog. Ondanks dat hij er indrukwekkend uitziet, heeft hij wel een hele vriendelijke lach waardoor ik mij welkom en veilig voel. Na een kwartier wandelen komen we bij het communitiehuis, dit is waar de familie altijd samenkomt en waar de sjamaan ook woont met zijn gezin. Hier worden wij nu ontvangen door de hele familie. In de stam spreken ze een lokale taal, daarom is onze gids ook onze vertaler; hij spreekt goed Engels en ook goed de lokale taal. In Indonesië word ik eigenlijk overal met een lach ontvangen en dat is hier ook absoluut het geval. De kinderen zijn nog wat zenuwachtig en de volwassenen willen allemaal je naam weten. Ze vertellen mij ook allemaal hun naam, maar ik heb zoveel nieuwe indrukken dat ik er welgeteld nul onthoud. Het communitiehuis is een open houten huis. Binnen hangen er schedels aan de muur van dieren die ze hebben gevangen in de jungle. Voorin is een open zitruimte, in het midden een deel waar wij kunnen slapen en aan de achterkant een haardkeuken en het deel waar het gezin van de sjamaan slaapt.
De organisatie wisselt altijd de families af waar de toeristen verblijven. De familie waar wij nu bij verblijven, heeft dus lang niet altijd toeristen over de vloer. Misschien een keer in de maand een paar dagen. De aankomende dagen gaan wij meeleven met de familie en gaan we de dingen doen die zij anders ook zouden doen. Ik merk al snel dat het geen openluchtmuseum is; dit is echt hoe de mensen hier leven. Tuurlijk is het feit dat er toeristen komen voor hen ook een stukje extra inkomen, maar heel veel meer dan sigaretten kopen ze daar ook niet van. Want dat doen ze veel, heel veel: de hele dag roken. Ik ben benieuwd naar alle activiteiten de aankomende dagen.
Help jij mij deze reis maken?
Wil jij mij steunen om deze reis te maken dan kan dat via de betaallink hiernaast/boven. Voor bijvoorbeeld 5 euro heb ik een koffie of een biertje, voor 10 euro een maaltijd en voor 20 euro een overnachting.
Laat een leuk berichtje achter waarvoor of waarom jij hebt gedoneerd! Alvast bedankt!
Beste Sven
Wederom bedankt. Wat een avontuurlijke reis. Je hebt de gave om het zo beeldend te beschrijven. Ik zie reikhalzend uit naar je volgende blog.
Groetjes Peter (85).