Slaapplek vinden is lastig
Na Java ga ik door naar het volgende eiland, Bali. Ik denk dat iedereen wel een bepaald beeld heeft van Bali. Voor mij was dat vooral het beeld dat er mega, mega veel toeristen komen en dat ik er wat dat betreft helemaal niet per se naar uitkijk. Waar ik echter wel heel erg naar uitkijk is dat in Bali een vriendin uit mijn vriendengroep mij komt opzoeken. Zij wilde graag ook nog een keer naar Bali en vroeg wanneer ik er was. De eerste dag kom ik ’s middags aan in Bali en heb ik maar eventjes om te fietsen voordat het donker wordt. Meteen valt op dat het geloof in Bali anders is dan in de delen van Indonesië waar ik hiervoor was. Hiervoor was het grotendeels islamitisch en in Bali is het merendeel hindoe. Overal langs de weg waar ik fiets zijn kleine tempeltjes en invloeden te zien vanuit het hindoeïsme. Ik fiets eerst een stukje langs de noordkust en daar zal ik ook een slaapplek proberen te zoeken. Het is hier iets drukker dan in het oosten van Java, maar op zich valt het nog mee. Een slaapplek zoeken is best een uitdaging omdat er bijna geen restaurantjes zijn met tuinen. Na een beetje aandringen bij een restaurant mag het gelukkig.
Heel mooi binnenland
De dag erna fiets ik naar het zuiden van Bali. Hier komt de vriendin uit Nederland aan op het vliegveld en hier slapen we in de plaats Uluwatu. Om in het zuiden te komen steek ik de bergen over in het midden van Bali. Dit is waar veel rijstvelden zijn. Niet zomaar rijstvelden, maar allemaal terrassen op verschillende hoogtes, het is prachtig om te zien. Vanaf de rijstvelden daal ik af naar het zuiden. Hoe zuidelijker ik kom, hoe minder leuk ik Bali begin te vinden. Het is er gigantisch druk en hoe zuidelijker je komt, hoe meer toeristen er zijn. Er zijn zoveel scooters op de weg dat je zelfs met de fiets niet tussen de auto’s door kan, omdat daar alle scooters staan. Het is alleen maar een grote aan elkaar gegroeide stad die heel erg druk is. Die dag moet ik ook eerst naar het immigratiekantoor om mijn visum te verlengen. Dit gaat echt heel makkelijk en na vijf minuten sta ik weer buiten.
Uluwatu
’s Avonds komt Mees aan en ik regel dat we met de taxi vanaf het vliegveld naar ons verblijf worden gebracht. Ze komt ’s avonds laat aan, dus ik regel ook van tevoren dat we wat eten hebben voor bij terugkomst. Het is leuk om weer een vriendin van thuis te zien. De volgende dag banen we ons een weg tussen alle toeristen door in Uluwatu. Het is een schiereiland van Bali met best wel mooie stranden en kliffen. Ik ben gewend om altijd bij lokale tentjes te eten, maar het is hier zo onwijs toeristisch dat je die eigenlijk niet hebt. En als er dan wel een restaurant is wat Indonesisch eten serveert, is het drie à vier keer zo duur als dat ik normaal betaal. Best wel een contrast met Mees, want voor haar is het eten hier als je het vergelijkt met Nederland alsnog echt onwijs goedkoop. Grappig hoe ik dan zo gewend ben aan extreem goedkoop uit eten. In Uluwatu kan je ook goed surfen, maar het zijn wel golven voor gevorderden en dat zijn wij absoluut niet. Vanaf de kliffen kan je wel heel mooi kijken naar mensen die aan het surfen zijn. Dat doen we tijdens de zonsondergang. In Bali betekent dit wel dat je met een hele rij aan mensen op een klif staat. Iedereen heeft zijn telefoon in zijn hand om het te filmen en er zijn alleen maar toeristen, geen locals. Na de zonsondergang gaan we naar een restaurantje met live muziek. Dat vind ik eigenlijk altijd leuk, het was een goede band die optrad en er was een leuke sfeer.
Wil jij mij steunen om deze reis te maken dan kan dat via de betaallink hiernaast/boven. Voor bijvoorbeeld 5 euro heb ik een koffie of een biertje, voor 10 euro een maaltijd en voor 20 euro een overnachting.
Laat een leuk berichtje achter waarvoor of waarom jij hebt gedoneerd! Alvast bedankt!
Beste Sven
Inderdaad het zuiden is echt toeristisch, maar binnenland is inderdaad mooi. Leuk dat jij Mees meeneemt in jouw belevingen. Je bent wel veel alleen op pad maar echt genieten doe je toch echt samen of met de locals. Vooral als er kinderen bij zijn zie ik de vrolijkheid in jouw gezicht. Blijf genieten. Tot horens. Groetjes Peter (85).